ZorgaanbodLogopedieMeest voorkomende logopedische problemen

Meest voorkomende logopedische problemen

Afasie

Afasie is een taalprobleem. Er kunnen problemen zijn op het gebied van begrijpen, spreken, lezen en/of schrijven. De ernst en omvang van de afasie zijn onder andere afhankelijk van de plaats en de ernst van het hersenletsel. De behandeling van een afasie focust zich op het verbeteren van de communicatie.

Dysartrie

Dysartrie is een spraakprobleem. Er is een verstoorde werking van één of meerdere spieren die bij het spreken betrokken zijn, waardoor men de woorden en/of zinnen wel kan formuleren, maar niet duidelijk genoeg worden uitgesproken. Ook het ademhalen kan bij een dysartrie moeilijker zijn en/of de stem kan anders klinken. De behandeling van een dysartrie focust zich op het verbeteren van de spraakverstaanbaarheid.

Spraakapraxie

Spraakapraxie is er een coördinatieprobleem bij het vormen van de spraakklanken bij het doelbewust spreken. Mensen met een ernstige vorm van spraakapraxie kunnen niet of nauwelijks bewust spreken. Mensen met een milde vorm hebben vaak last van haperingen, toonloos spreken of gaan bepaalde klanken vervormen. Het automatisch spreken gaat een stuk gemakkelijker. De behandeling van een dysartrie focust zich op het verbeteren van de spraakverstaanbaarheid.

Aangezichtsverlamming

Een aangezichtsverlamming kan de mimiek en dus de communicatie ernstig verstoren.  Een goede werking van de aangezichtsspieren is belangrijk bij het kauwen en slikken. De behandeling van een aangezichtsverlamming richt zich op het verminderen van de asymmetrie en de functionele problemen tijdens praten, eten en mimiek. 

Dysfagie

Dysfagie is een probleem in het slikproces. Er loopt iets fout in het traject van voedsel of drank van de mond naar de maag. De logopedist stelt, afhankelijk van de ernst van het slikprobleem, een slikadvies op en/of start met specifieke oefeningen gericht op het verbeteren van het slikken. Het individuele slikadvies bevat adviezen over de houding tijdens het eten of drinken, eventuele aanpassingen van het eten/drinken (gemalen voeding, ingedikte vloeistoffen, …), aanpassingen bij het innemen van medicatie en de eventuele nood aan ondersteuning door derden of hulpmiddelen.